Categorie

Circular Economy Lab 5 - 'Meetmethode'

Dat circulair inkopen meerwaarde biedt staat vast. De voordelen zijn lagere kosten, beter leveranciersmanagement, minder afvalmanagement, minder prijsschommelingen en een beter imago doordat het bijdraagt aan het beperken van grondstoffenschaarste en aan een toekomstbestendige economie. De vraag is hoe het meten van economische, milieu- en maatschappelijke effecten kan bijdragen aan een efficiënte en effectieve circulaire inkoopstrategie?

Deze vraag stond centraal tijdens het vijfde Circular Economy Lab: Circulair Inkopen als aanjager van de Circulaire Economie – zo meten we dat!? op 24 juni in het Utrechts Archief. Het lab werd georganiseerd door het Utrecht Sustainability Institute in samenwerking met de Economic Board Utrecht.

Toetsen aan de bedrijfspraktijk

Het doel van het lab was om de door de Universiteit Utrecht ontwikkelde meetmethode voor het maatschappelijke, economische en milieueffect van circulair inkopen met deelnemers te bespreken en aan de bedrijfspraktijk te toetsen. Op basis van de inbreng wordt de methode aangescherpt. De ambitie is dat deze methode dé methode wordt voor de BV Nederland.

De achtergrond van de bijeenkomst is het EBU-initiatief Circulair Inkopen: ‘Als regio hebben we met elkaar gezegd: Zou het niet fantastisch zijn als we als stip op de horizon zeggen: In 2020 hebben we 10% van onze inkopen circulair aanbesteedt’, zo lichtte Irene ten Dam, programmamanager groene economie van de Board, het initiatief toe. De EBU wil het proces van circulair inkopen faciliteren met een methodologie die impact meetbaar maakt en een betrouwbare vergelijking met niet-circulaire inkoopprocessen biedt. In opdracht van de EBU ontwikkelt de Universiteit Utrecht een methode om de effecten van circulair inkopen op de economie, het welzijn en het milieu meetbaar te maken. Deze meetmethode vormde het uitgangspunt van de avond.

Redactie EBU

Heeft u vragen of een initiatief? Neem contact met ons op.

030 - 238 28 58 030 - 238 28 58